'Want alles wat men ziet met de geest die in de liefde is opgenomen, kent men, proeft men, ziet men en hoort men door en door.'
Hadewijch (circa 1200-1260)
Uit: Visioenen (Visioen 11, regel 39 t/m 42, in de vertaling van Imme Dros).
'Want alles wat men ziet met de geest die in de liefde is opgenomen, kent men, proeft men, ziet men en hoort men door en door.'
Hadewijch (circa 1200-1260)
Uit: Visioenen (Visioen 11, regel 39 t/m 42, in de vertaling van Imme Dros).