Goed beschouwd kun je in de wereld drie stromingen onderscheiden waartoe mensen geneigd zijn zich te (willen) verhouden. Of genuanceerder omschreven: ik onderscheid drie fundamentele manieren waarop mensen naar waarheid zoeken, en daarmee naar wijsheid.
Ten eerste is er de stroming van het hoofd, van het rationele denken, met de wetenschap als basis. De oorsprong ligt in de Griekse cultuur van ongeveer 600 v. Chr. Vanaf de Griekse filosofie kreeg het rationele onderzoek naar de werkelijkheid een steeds belangrijkere plaats. Het denken was/is het anker waaraan de mens zich vasthoudt om niet in de chaos van alledag ten onder te gaan. In de loop der eeuwen is deze stroming steeds sterker geworden. De wetenschap beoogt objectief te zijn en onderzoekt, binnen bepaalde grenzen, wat waar is en wat niet. De nadruk ligt op de materiële, empirisch waarneembare werkelijkheid. De huidige techniek, de robotisering van de maatschappij en onder andere AI zijn hier een voor de mens nuttig product van.
De valkuil van deze stroming is een kil soort denken waarbij elk gevoel van empathie ontbreekt. Laat staan dat er enige compassie is met al wat leeft en aandacht vraagt. Zie de manier waarop de natuur wordt uitgebuit, met alle gevolgen voor milieu en dierenwelzijn. Dat alles door het geloof dat de materiële werkelijkheid de uiteindelijke grondslag van ons bestaan vormt. En met die materie mogen we doen en laten wat we willen.
De tweede stroming is die van het geloof, van de religie. Dit is het zoeken naar zekerheid binnen de traditie van een denken in een God die over ons waakt en ons bestuurt. Ze baseert zich, althans in de westerse wereld, op de goddelijke openbaring in de bijbel. In het oosten zijn het de islam, het hindoeïsme en in zekere zin het boeddhisme, alhoewel de laatste meer een manier van leven is dan een religie. Men geeft zich over aan de ervaring dat er meer moet zijn dan de materiële wereld. Behalve het geloven in een God is er de hoop op een toekomst van verlichting en misschien zelfs openbaring. Ergens, in het leven na de dood, in de hemel of wat dan ook. Het is het woord van God, zoals beschreven in de heilige schriften, dat als leidraad voor het leven geldt.
De valkuil hier is een verstard vasthouden aan wat anderen (in opdracht van God) hebben geschreven. De eigen mening en beleving worden ondergeschikt gemaakt aan wat van hogerhand dient te gelden. Men leeft dan meer volgens de moraal van anderen dan die van zichzelf, hetgeen onechtheid en hypocrisie in de hand werkt. Men ervaart de wereld vaak als onveilig en bedreigend. Een strikt geloof in God biedt dan een fundament waarop men kan bouwen en vertrouwen.
De derde stroming is die van de gnostiek. Ik gebruik het begrip gnostiek hier niet in zijn historische, maar in een ruimere betekenis: als aanduiding van een direct innerlijk weten. Het is een intuïtief soort zekerheid, puur innerlijk van aard. Ze is strikt persoonlijk en niet overdraagbaar. Je kunt het niet uit boeken halen of van anderen overnemen. Het is een weten dat zich niet of nauwelijks in woorden laat uitdrukken. Het is een ervaring van verlichting, van een diepe innerlijke rust die je doet accepteren wat zich in jouw leven voordoet. Zowel de positieve als de negatieve dingen. Je ontvangt het leven zoals dit zich aandient, zonder vaste meningen of overtuigingen. De gnostiek is niet gebonden aan regels of bepaalde leefwijzen. Ze is individueel, op ervaring gericht, en veel minder op de rede of het geloof. Je ervaart een bron van licht en liefde in jezelf die niet uit te leggen is. De innerlijke rijkdom die dat geeft doet je minder om aardse zaken geven als geld, macht en status. Dat zijn buitenkanten waar je gemakkelijk doorheen prikt.
De valkuil is dat je je verliest in wat je meent innerlijk te beleven. Juist omdat er geen referentiekader is, is er kans op een opgaan in een werkelijkheid die jou juist van jouw ware wezen weghoudt, wat die ook moge zijn. Je loopt met je hoofd in de wolken, ziet niet of nauwelijks wat er om je heen gebeurt. Je wordt arrogant en kijkt neer op anderen die ‘nog niet zover zijn’. Kortom, je bent of wordt wereldvreemd. Weliswaar vol idealen en innerlijke belevingen, maar je mist de aansluiting met je omgeving. Zie hier het ontstaan van sekten en andere bewegingen die het contact met de echte wereld zijn kwijtgeraakt.
Overigens lopen bovenstaande drie stromingen meer in elkaar over dan we wellicht denken. Zo zijn er wetenschappers die juist gewetensvol met de natuur en hun medemens overgaan, en zijn er gelovigen die de mystieke innerlijke ervaring ten volle kunnen en willen beleven. De door mij aangebrachte grenzen zijn in de praktijk niet altijd direct te herkennen. Het leven zelf is en blijft vloeibaar.
Zelf voel ik me het meest aangetrokken tot de derde stroming, die van de gnostiek. Met het besef van de vele uitglijders die hier op de loer liggen. Daarom is voor mij persoonlijk de eerste stroming, die van de rede, zo belangrijk. Door telkens na te denken over wat je voelt en ervaart, door steeds door je eigen ego heen te prikken, houd je jezelf een spiegel voor. Je kunt niet kritisch genoeg zijn naar wat je voelt en beleeft. Wat is wezenlijk en wat zit nog vast aan je ego. Dat laatste gebeurt vaker dan je denkt. Want we houden ons, in onze behoefte aan het hebben van een identiteit, maar al te graag vast aan onze meningen en overtuigingen. Dat geeft ons een plek in de wereld, denken we. Dat los te laten, in het besef dat we in feite niets of weinig van de wereld weten en begrijpen, maakt ons tot een ontvangend mens. Waarmee ik bedoel, dat doet ons openstaan voor de geest, inclusief alle wijsheid die ons omgeeft. Waardoor die ons kan binnenstromen en onze kiem van licht kan ontsteken.
Tja, en dan is er nog een levenswijze die zich aan deze drie stromingen onttrekt. Ik noem dat bewust geen stroming, omdat zij voor mijn gevoel de menselijkheid uitholt. Dat is het nihilistische hedonisme dat met name in de westerse wereld oprukt. Het onbeperkte genieten dat in de reclames wordt gepropageerd. Het opgaan in de roes van alcohol, drugs of pilletjes. Het consumentisme, het uitbuiten van zowel mens als natuur, het vooropstellen van het eigenbelang, de haat naar andersdenkenden, het ondermijnen van gezag, het verheerlijken van geweld en pure mannelijkheid. Kennelijk is dit soort gedrag aantrekkelijk voor degenen die elk geloof in God, de wetenschap of een innerlijke beleving verloren hebben. Je leeft maar één keer. Na ons de zondvloed.
Kenmerk is dat men de binding met zichzelf kwijt is geraakt. Ontworteld, nergens nog toe behorend, innerlijk zwalkend, uiterlijk steeds opnieuw de sensatie zoekend opdat men iets voelt. Nepnieuws, het geloof in complotten, het oproepen tot of bedrijven van geweld, zijn de tekenen van de nieuwe tijd die ons wacht. Of waar we al in zitten, vrees ik.
De drie hierboven genoemde stromingen zijn mij lief, hoewel die van het geloof het verst van mij afstaat. Maar ook daar kan ik nog meevoelen in de zoektocht naar waarheid en gerechtigheid. Maar deze laatste levenswijze: daar heb ik niets mee. Een groot en corrumperend gevaar voor de toekomst van onze samenleving, zo beschouw ik haar.
Als tegenkracht dient hier naar mijn mening de kunst. De beleving van muziek, poëzie, literatuur, ballet, dans, beeldhouwen, schilderkunst, dat maakt ons tot mens zoals we bedoeld zijn te zijn. Zelf beoefenend, of het als toeschouwer ondergaand. Juist de kunst spreekt niet alleen het hoofd aan, maar ook het hart en de verbeelding. Zij herinnert ons eraan dat de mens meer is dan een consument, een gelovige of een denker alleen.
Drie wegen naar wijsheid
Plaats reactie