Afdrukken

Een bestseller, uit het Frans vertaald, onder andere een paar maanden geleden door de NRC als gratis e-book aangeboden, en op Hebban nummer één van het afgelopen jaar. Zoiets moet ik lezen, dacht ik. Al is het maar om op de hoogte te blijven van wat er speelt in de literaire wereld van nu. Een dik boek is het, meer dan 600 bladzijden.

Het begin is ongewoon. Een advertentie van de 26-jarige Emile, die aangeeft vanwege jong-alzheimer nog maar twee jaar te kunnen leven en een reisgenoot vraagt om een laatste avontuur aan te gaan. Tot zijn verbazing reageert een paar jaar oudere vrouw hierop. Ze maken kennis met elkaar, maar de vrouw is nors en nukkig, zegt bijna niets en verschuilt zich steeds onder haar hoge hoed. Emile en Joanne, zoals ze heet, hebben behalve het reizen niet of nauwelijks iets met elkaar gemeen.
In flashbacks krijgen wij als lezer de persoon Emile wat meer in beeld. Zijn mislukte relatie met Laura, zijn beste en enige vriend Renaud die gelukkig getrouwd is en twee kinderen heeft, zijn zus Majorie en af en toe zijn ouders. Maar het blijft allemaal oppervlakkig, de personages worden eendimensionaal beschreven, en ook het gevoelsleven van Emile wordt niet echt uitgediept.
Emile en Joanne trekken met een camper door de Pyreneeën en ja, je ziet het al van verre aankomen, er ontstaat geleidelijk genegenheid tussen de twee, wat uiteindelijk in een ware en gepassioneerde liefdesrelatie ontaardt. Tussendoor wordt een stuk verleden van Joanne benoemd, ook nogal eendimensionaal. Haar vroegere partner Leon, het kindje dat ze verloor, haar vader als conciërge van een school.
Ondertussen verslechtert de situatie rond Emile. Hij lijdt steeds vaker aan geheugenverlies, wordt opgenomen in een ziekenhuis, ontsnapt daar weer uit, beleeft samen met Joanne de nodige avonturen, heel spannend allemaal (ik zweette peentjes), maar het is allemaal wel erg eenvoudig beschreven. Op het kinderlijke af zelfs. En, alle emoties en gebeurtenissen worden ook nog eens een keer uitgelegd. Niet één keer, maar wel twee of drie keer. Alsof de lezer het anders niet zou volgen.

Stilistisch valt er een en ander over op te merken. Om het cru te zeggen: de zinnen zijn vaak onbeholpen tot ronduit slecht. Nergens een volzin of een treffende metafoor. Of een zin die je bijblijft. De wijsheden die vermeld worden zijn citaten van denkers en schrijvers als Confucius, Marcel Proust en Paulo Coelho.
Naar het einde toe wordt het verhaal alleen maar sentimenteler. Oh, wat wordt er veel gehuild en geschreid. En wat loopt het toch mooi af. En wat liefdevol is iedereen voor elkaar. Een echte tearjerker (de tranen biggelden over mijn wangen).
Ik kan me voorstellen dat veel lezers door dit boek gegrepen worden. Het leest gemakkelijk weg. Het is een ware liefdesgeschiedenis, en dat in onze tijd van corruptie, oorlog en ellende. Wat heerlijk om hier aan te kunnen ontsnappen. 
Aan mij is dit soort bouquetreeks-achtige lectuur echter niet besteed. Ik mis diepte, ongemak, bevreemding. Nee, jammer van mijn tijd.